Kerk Ternat

Het ontstaan van het kerkgebouw kan teruggeleid worden naar de 12e eeuw. Toen bevond zich op deze plaats een bidkapel, waarna uiteindelijk in 1268 een kerk in de plaats kwam. Tegen de 17e eeuw breidde deze kleine kerk verder uit tot zijn huidige afmetingen. Hierbij werd de oude structuur niet volledig afgebroken, maar werd ze opgenomen in de nieuwbouw. Zo is heden nog zichtbaar dat de noordelijke beuk het oudste gedeelte van de kerk is. In 1692 slaat echter het noodlot toe en brandt de kerk grotendeels af na een blikseminslag. Enkel de noordelijke zijbeuk en dwarsbeuk bleven hierbij gespaard, samen met de kolommen van het schip. De wederopbouw ving meteen aan en zou 25 jaar duren. Rond de eeuwwisseling van de 20e eeuw vonden er vervolgens nog ingrijpende restauraties plaats. Dit is de periode van de neogotiek, waarbij men niet schuw was om menig historisch gebouw bij een restauratie ‘historischer’ te maken dan dat het ooit geweest is. Ook hier is dit het geval geweest. Zo werd de noordelijke dwarsbeuk heropgebouwd, werd er een sacristie toegevoegd, kreeg het interieur volledig nieuw meubilair, werd de toren aangepakt, werden de glas-in-loodramen vervangen, allen in een zeer historiserend neogotisch jasje.